Bikini atol De Marshalleilanden bestaan in totaal uit 30 atollen en 1100 eilanden. Het Bikini atol is een onderdeel van de Marshalleilanden. Het Bikini atol zelf bestaat uit 23 eilandjes. Het Bikini atol bevindt zich in de driehoek Amerika, Japan en Australië op zo'n 7300 kilometer van San Francisco, en ongeveer 4000 kilometer van de Filippijnen. Het op één na meest bevolkte atol van het land, Kwajalein, is het grootste atol ter wereld. De Marshalleilanden zijn een eilandengroep en onafhankelijke staat in de Stille Oceaan ten noorden van Nauru en Kiribati, ten oosten van Micronesië en ten zuiden van het eiland Wake. De Marshalleilanden worden bestuurlijk verdeeld in: Ailinginae - Ailinglaplap - Ailuk - Arno - Aur - Bikar - Bikini - Bokak - Ebon - Enewetak - Erikub - Jabat - Jaluit - Jemo - Kili - Kwajalein - Lae - Lib - Likiep - Majuro - Maloelap - Mejit - Mili - Namorik - Namu - Rongelap - Rongrik - Toke - Ujae -Ujelang - Utirik - Wotho - Wotje . De Marshalleilanden zijn ontdekt in 1529 door de Spanjaarden. In 1885 werd de archipel een Duits protectoraat, als deel van Duits-Nieuw-Guinea. Tijdens de Eerste Wereldoorlog veroverde Japan de eilanden; in 1920 werd die 'overname' goedgekeurd in het Verdrag van Versailles en later door de Volkerenbond gesanctioneerd. Op 31 januari 1944 veroverde de Verenigde Staten de eilandengroep van de Japanners. Na de Tweede Wereldoorlog werd het een mandaatgebied van de VN en begon tevens de koude oorlog. President Truman beval de strijdkrachten nucleaire test uit te voeren om de effecten ervan op de Amerikaanse schepen te onderzoeken. Voor het uitvoeren van de atoomtest hadden de Amerikanen hun oog laten vallen op de Marshalleilanden. Eén van de eilanden, het Bikini atol, werd uitgekozen voor deze tests. Dit eiland was uitgekozen voor de eerste proeven door zijn ligging achteraf, ver van reguliere scheep- en luchtvaart routes. Tussen 1946 en 1958 hebben de Verenigde Staten talloze kernproeven op het Bikini atol gehouden, met gevolgen voor de bewoners en die van het nabijgelegen Rongelap atol.
Geschiedenis van de nucleaire tests op Bikini atol In 1945 ontwikkelde de Amerikanen de eerste atoombom. De eerste test, "Trinity", werd in New Mexico gehouden, de twee daaropvolgende bommen werden op de Japanse steden Nagasaki en Hiroshima afgegooid. De reden dat de bommen op deze Japanse steden werden afgegooid, was enerzijds om de Japanners zich over te laten geven om een invasie per land te voorkomen, een scenario die de Amerikanen absoluut wilden voorkomen. Anderzijds om de Russen te waarschuwen niet al te ver in Europa door te dringen.
Eerst de bevolking weg In 1946 lieten de Amerikanen hun oog vallen op de afgelegen en dun bevolkte Marshalleilanden. In februari 1946 vetrok Commodore Ben H Wyatt, militair gouverneur van de Marshalleilanden, naar het Bikini atol om aan de lokale bevolking de vraag voor te leggen of ze ‘tijdelijk’ wilden verhuizen, omdat de Amerikanen proeven met atoombommen wilden houden ‘for the good of mankind and to end all World Wars’. De lokale bevolking, 167 personen, werd in maart 1946 met hun leider Koning Juda geëvacueerd en gehuisvest op het 125 km oostelijker gelegen en tot dan toe onbewoonde Rongerik atol. Dit zou uiteindelijk de dood van vele bewoners betekenen, omdat het Rongerik atol totaal ongeschikt bleek voor bewoning en vegetatie. Ze werden enkele weken aan hun lot overgelaten. Binnen twee maanden smeekte de bevolking weer terug te mogen naar hun geliefde Bikini atol. Pas in maart 1948 werden zij naar het Kwajalein atol gebracht.
Onmiddellijk na het vertrek van de bewoners begonnen op Bikini de voorbereidingen voor de experimenten. In totaal kwamen 242 schepen, 156 vliegtuigen, 25.000 stralingmeters, 5400 proefdieren en meer dan 42.000 Amerikaanse militairen naar het atol. De bewoners zagen hun brandende huizen voordat ze het eiland goed en wel hadden verlaten. Op het Bikini atol zouden aanvankelijk 3 atoomproeven gehouden worden. Om te zien wat de effecten van deze atoomproeven zouden zijn, werden eigen en vijandelijke in beslaggenomen oorlogsschepen in de lagune van het Bikini atol voor anker gelegd. Deze tests waren niet alleen bedoeld om de wereld de superioriteit van de Amerikanen te laten zien, het was tevens een wedloop tussen de Amerikaanse marine en de nieuw opgerichte luchtmacht (die daarvoor onderdeel van de landstrijdkrachten was).
A (able), en dan B (Baker) De eerste test, "Abel", was op 1 juli 1946. Om 9 uur lokale tijd werd vanuit een B29 bommenwerper –‘Dave’s dream’- in de nabijheid van Bikini atol een plutoniumbom afgeworpen. Deze bom was exact dezelfde als die bij Nagasaki gebruikt werd: in het jargon een ‘standaard MK 3A’. De bom explodeerde op een hoogte van 160 meter en had een kracht van 23.000 ton TNT. Deze bom wordt door een fout van de B29 bommenwerper 550 meter verder dan gepland terecht. Een Amerikaanse krant beschreef destijds dat de explosie die door de "Able" bom werd veroorzaakt, dat de flits 10 keer feller dan de zon was…Terwijl de ‘Dave’s dream’ wegvloog, werd zij twee keer door een shockgolf geraakt.
Een vloot van 71 overbodige schepen lag in de lagune. Hieronder bevonden zich onder andere een Amerikaans vliegdekschip, een onderzeeboot, de Duitse kruiser; ‘Prinz Eugen’ en het vlaggenschip van de Japanse vloot dat de aanval op Pearl Harbour in 1941 had geleid de ‘Nagato’ en tal van andere schepen. Met deze schepen wilde men de schade vaststellen die de explosie zou veroorzaken. 5400 proefdieren, ratten, schapen, varkens en geiten, ook bij de experimenten ingezet. Bij de "Able" test werden 176 geiten, 146 varkens, 109 muizen, 57 cavia's en 3,030 witte ratten op de verschillende schepen geplaatst. Deze beesten werden op strategische plaatsen op de schepen geplaatst waar normaalgesproken de bemanning zou staan die de gamma straling zouden meten. Ze worden op de schepen in speciale rekken vastgebonden om te onderzoeken wat voor effect een atoomexplosie heeft op levende wezens. Sommige dieren werden van hun vacht ontdaan, sommige ook ingesmeerd met beschermende crème. Beklemmende beelden van de proefdieren zijn te zien in de documentaire ‘Radio Bikini’ van Robert Stone uit 1987. Bij de "Baker" test werden slechts 200 witte ratten en 20 varkens gebruikt.
De explosies werden vastgelegd met meer dan 100 fotocamera’s en ruim 200 filmcamera’s; 18 ton filmmateriaal werd hiervoor gebruikt. In die tijd bleek dat meer dan de helft van de filmcamera’s die er wereldwijd waren, op Bikini stonden opgesteld… Bijzonder aan deze test is dat er internationale waarnemers werden uitgenodigd (zelfs Russen!); de eerste maar ook de enige keer. Een groot gezelschap volgt op een afstand van 30 km de explosie. Ook Nederland is vertegenwoordigd door majoor Bruining. Later wordt door sommigen geklaagd dat ze het niet goed hebben kunnen zien, omdat de afstand te groot was. Niet de afstand was het probleem, de waarnemers hebben juist door het verder afgooien van de bom nauwelijks iets kunnen zien. De “Able” bom was dus niet erg spectaculair voor de waarnemers. Er waren nauwelijks schepen gezonken. Bij deze ontploffing kwam licht radioactieve regen neer. De officials noemde de straling van deze regen op de schepen als minimaal. Een half uur na de explosie vlogen watervliegtuigen over de schepen die in de lagune lagen om de straling te meten. Vijf en een half uur later kwamen de support schepen in de lagune gevaren en constateerde dat de schepen te heet waren om in de buurt te komen.
Na de "Able" bom werd drie weken lang door personeel op de schepen gewerkt en sliepen ze op de schepen!! Daarbij liepen zij hoge stralingsdoseringen op…
De tweede test, "Baker", vond plaats 25 juli, 8 uur 35 lokale tijd. Bij deze test werd de bom, opnieuw een ‘standaard MK 3A’, echter onder water op een diepte van 30 meter tot ontploffing gebracht. Deze explosie veroorzaakte een 30 meter hoge golf en een mist van water vermengd met radioactief gas. Ook werd een gedeelte van de bodem van de lagune vernield en als sterk radioactief steenachtig materiaal in de omgeving verspreid. Dit kwam gedeeltelijk ook op de bemande schepen terecht, waar de naar later bleek sterk radioactieve stenen, door bemanningsleden werden opgeraapt. Velen zouden later bijzondere vormen van kanker krijgen. Eén van hen was John Smitherson die last kreeg van sterk opgezette ledematen en de laatste jaren door moest brengen met een hand zo groot als een olifantenvoet. Vier minuten na de “Baker” explosie was de hoogte van de atoomwolk al meer dan 1 kilometer hoog. Na zestig seconden zelfs 2½ kilometer hoog! De explosie werd zelfs tot in Amerika gevoeld en had een kracht van 5,5 op de schaal van Richter.
Het Bikini atol werd tot op een afstand van 5 km van de ontploffing zo zwaar radioactief gecontamineerd dat het de eerste week niet betreden kon worden. De tweede test werd bijgewoond door Koning Juda. Koning Juda keerde terug naar Rongerik met de mededeling dat het eiland nog intact was, de bomen er nog stonden en dat alles er nog hetzelfde uitzag. Dit voedde de hoop dat ze spoedig weer zouden terugkeren. Niets bleek minder waar. Het eiland was echter voor jaren onbewoonbaar. De schepen die nog in de lagune lagen, zonken als gevolg van deze test. De onderzeeër USS Pilotfish die voor deze test op 30 meter diepte lag, klapte door de explosie onderwater uit elkaar. Berekeningen gaven aan dat de onderzeeër niet bestand was tegen de vrijgekomen kracht , terwijl dit type onderzeeër speciaal ontwikkeld was tegen zeer krachtige dieptebommen. De schepen die niet zonken, zoals de Prinz Eugen werd later naar Kwajalein gesleept en zonk onderweg, andere schepen werden naar terug naar Amerika gesleept. Daar werden ze gebruikt als oefenobject bij schietoefeningen of werden gedemonteerd.
Na deze tests bleef het een tijdje rustig op het atol. De meeste van de oorspronkelijke bewoners verbleven op het eiland Kili, wachtend op een veilige terugkeer naar hun eigen eiland. In 1948 werd door president Truman groen licht gegeven om verdere atoomproeven uit te voeren. De koude oorlog lag hieraan ten grondslag. De atoomwapens die de Amerikanen hadden opgebouwd, waren gebaseerd op de "Trinity" tests en bleken verouderd. In totaal werden meer dan 7 zelfde nucleaire operaties gehouden, in Enewetak, Marshalleilanden en in de Nevada woestijn in Amerika zelf. In 1952 werd bij operatie "Ivy" de eerste thermonucleaire bom ontworpen. Bij de "Mike" test op 1 November 1952 werd de weg vrij gemaakt voor Operatie "Castle" op het Bikini atol.
In 1954 werd opnieuw gebruikt gemaakt van waterstofbommen in het project "Castle". Daarbij werd het eiland nog zwaarder radioactief besmet. Op 1 maart 1954 testte de V.S. hun derde bom, de "Bravo" test op Bikini. Dit was de eerste droge of stevige brandstofwaterstof bom, die met lithium deuteride gevuld was en meteen ook de grootste bom ooit door de V.S. ontstoken. Dit resulteerde in een explosie die bijna 3 keer krachtiger was dan verwacht. De kracht van deze bom kwam overeen met 15 megaton (dat is te vergelijken met 15 miljoen ton TNT). Door deze test werden 3 eilanden totaal van de kaart geveegd en bleef er een gat van 75 meter diep en 2 kilometer in diameter in het atol over…. De fall-out van deze test steeg honderden meters de lucht in en kwam neer op de eilanden Rongerik, Ailinginae en Utirik. De autoriteiten die verantwoordelijk waren voor deze test wilden de test, ondanks de slechte weersvoorspellingen door laten gaan. Hierdoor werden vele eilanden en mensen besmet. Het is ook meteen de ergste radiologische ramp in de geschiedenis van de Verenigde Staten. Het gehele atol werd hierdoor besmet en vele mensen werden ziek.
In totaal hebben de Amerikanen tussen 1946 to 1954, 67 nucleaire tests in en rond Bikini en het Enewetak atol gehouden. Hierdoor werd het hele gebied onbewoonbaar. In tijdsbestek van 2½ maand, werd tussen 1 Maart en 14 Mei 1954, 48 megaton aan bommen op het Bikini atol tot ontploffing gebracht. In 1958 werden de laatste bommen hier afgegooid en was er in totaal 75 megaton afgegooid…
Het Amerikaanse Ministerie van Binnenlandse Zaken sloot later ter compensatie een miljoenenovereenkomst voor de bewoners van Rongelap. Namens het Amerikaanse Ministerie van Landbouw vaart jaarlijks een Amerikaans oorlogsschip, uitgerust met een 'straling'-laboratorium en de benodigde apparatuur, langs de eilanden om de gezondheid van de bewoners te onderzoeken en te testen op de gevolgen van radioactieve straling. Vanaf 1968 kwamen enkele families terug naar hun eiland en werden ernstig ziek. De reden dat het Bikini atol onbewoonbaar is en voorlopig ook zal blijven is dat er veel Cesium in de grond zit. Alles wat op het eiland groeit, palmbomen, kokosnootpalmen en andere vruchten zijn daardoor niet te eten en besmet met radioactieve straling. De Bikinians eten daarnaast ook graag krabben en kreeften. Echter eten deze dieren de besmette kokosnoten en zijn daardoor ook besmet en niet eetbaar.
In 1980 werden de eilanden onafhankelijk met dien verstande dat de VS de veiligheid van de eilandengroep garandeert. Hoewel de eilandengroep officieel onafhankelijk is en de VS formeel slechts de Ronald Reagan Ballistic Missile Defense Test Site op het atol Kwajalein huren, zijn de VS in hoge mate van invloed op de Marshalleilanden. Zo is de officiële taal Engels en is de US dollar de officiële munt.
Radiologische status anno nu (2007) Er is veel onderzoek in de afgelopen jaren geweest naar de radiologische status. In feite komt het er op neer dat de straling dermate laag is dat het er weer veilig is om op het eiland te verblijven. Ondanks dat bevindt zich nog steeds, weliswaar in lage dosering, nog Cesium diep in de grond. Dit Cesium wordt zoals gezegd door de wortels van alles wat er op het eiland groeit opgenomen. De straling op het eiland zelf is te verwaarlozen en zou zelfs minder, 1/10e, zijn van een grote stad zoals London of New-York. Bovendien wordt gezegd dat als er nog straling zou zijn, de mensen die er nu wonen (duikschool medewerkers) er zich niet zou bevinden als er gevaren voor de gezondheid zijn.